Frank Jacobs

journalist, schrijver en autojournalist

  • Artikelen
    • De Naardense moordzaak
    • Lost in Transition: energietransitie, maar dan?
    • Karin Slaughter over Tesla
    • Dodenvlucht Neptune 212 wellicht diefstal
    • Neptune 212: dodenvlucht boven Katwijk
    • Dakota 079: de weggemoffelde vliegramp van Biak
    • Het duistere verleden van BMW-familie Quandt
    • Religieuze moord op zee: het geheim van de KW 171
    • Ferdinand Piëch, de geniale megalomaan van Volkswagen
    • Volkswagen: familievetes en stoeltjewip
    • De verdwenen Porsche van James Dean
    • Terugkeer van een dode baron (2)
    • Terugkeer van een dode baron
    • Portfolio
  • Columns
    • Waarom de flitsmarathon onzin en bangmakerij is
    • Dieren mogen worden doodgereden, vindt de Provincie Zuid-Holland
    • Waarom kernenergie een heel slecht idee is
    • Armoede? Je hebt geen idee wat dat is
    • #NederlandVleesland
    • Omgekeerde vlaggen en boerenzakdoeken: zo herken je de simpelen van geest
    • Armoede los je zo op
    • Veevervoer? Complimenten aan Schiphol!
    • Eva Vlaardingerbroek, ga dansjes doen op TikTok
    • Paybacktime
    • Franse probleemjongeren welkom in Nederland
    • Windmolenparken op zee
    • Zijn katten invasieve exoten?
    • Zijn wielrenners asociaal?
    • Second Love: daten voor proleten
    • NewSpace: hoogplassen voor miljardairs
    • Corona: de aarde haalt opgelucht adem
    • Corona: een lesje in bescheidenheid
    • Corona: de zeven pluspunten
    • 2019 en mijn ingebeelde vriend
    • Zwarte Piet? Zand erover
    • De leugens van Koos Spee
    • Foei Halsema!
    • Een dagje aan het strand
    • De mysterieuze verdwijning van Anja Schaap: wat houdt de politie achter?
    • Wannabe-journalisten
    • Thierry Baudet: omfloerste poep
    • Arbeidsparticipatie: een pakketje schroot met een dun laagje chroom
    • Like me of zwijg
    • Vuurwerk? Rot op!
    • Lisette Vroege slachtoffer orgaanhandel?
    • Waarom Schiphol op zee bezopen is
    • Duitsland huichelland
    • Referendum: onderbuikdenkers aan de macht
    • Social influencers
    • Coen was een held
    • Aangifte doen is voor mietjes
    • 2018, het jaar van het non-nieuws
    • Wanneer wordt Lisette Vroege gevonden?
    • Waarom een dierenleven meer waard is dan een mensenleven
    • Boom!
    • Brexit? We still love you!
    • De opkomst van de tekschrijver, de ondergang van de journalist
    • Autojournalist
    • Dit is er mis met grote organisaties
    • Plastic tasjes
    • De armoedegolf van 2035: Zelfstandigen Zonder Perspectief
    • Verlengstuk
    • Vel d’Hiv: hoe bootvluchtelingen je vakantie bederven
    • Terug in je kist!
  • Korte verhalen
    • Op Slot – kort verhaal
    • De Laatste Pomp – kort verhaal
    • Ik deel hier de lakens uit – kort verhaal
    • Broedertwist – kort verhaal
  • Foto
    • Photography
  • Video
    • Documentaires
    • Autoweek TV
    • Fifth Gear Europe
    • Tuf-tuf Club op TV
  • Contact
    • Over Frank
    • Contact
    • English
    • Français
    • Deutsch
  • Email
  • Facebook
  • Google+
  • Instagram
  • LinkedIn
  • Twitter
  • YouTube
Contact

Ferdinand Piëch, de geniale megalomaan van Volkswagen

16 maart 2017 door Frank Jacobs Reageer

Ferdinand Piëch wordt op 17 april 1937 in Wenen geboren als zoon van advocaat Anton Piëch en Louise Porsche, de zus van Ferry en dochter van Ferdinand Porsche sr. Anton Piëch heeft als rechterhand van Louises vader een belangrijke bijdrage geleverd aan het succes van de onderneming Porsche. Ferdinand Piëch is het derde kind uit dit huwelijk; na hem volgt nog een vierde.

Na een studie werktuigbouwkunde in Zürich treedt Piëch in 1963 in dienst van Porsche, dat op dat moment wordt geleid door zijn oom Ferry. Daar klimt hij algauw op tot de ontwikkelingsafdeling, om in 1971 technisch bedrijfsleider te worden. Daar bemoeit hij zich onder meer met de racerij (onder meer de roemruchte Porsche 917), een bezigheid die door zijn oom met fronsend voorhoofd wordt gadegeslagen, doch gedoogd; Ferry trekt het commerciële nut van die dure liefhebberij in twijfel. Maar het is een ander probleem dat Piëchs carrière bij Porsche voortijdig beëindigt. Dan al leven de families Piëch en Porsche in voortdurende onmin met elkaar, en Ferry Porsche besluit daarom in 1972 dat familieleden geen deel meer mogen uitmaken van de bedrijfsleiding van Porsche KG.

Piëch ruimt noodgedwongen zijn bureau in Zuffenhausen leeg en begint zijn eigen ingenieursbureau in Stuttgart, waar hij voor Daimler-Benz een vijfcilinder dieselmotor ontwikkelt. Zijn vrije ondernemerschap duurt niet lang, want later datzelfde jaar treedt Piëch in dienst van Audi, waar hij een leidinggevende functie op de ontwikkelingsafdeling aanvaardt. Ook daar verdiept hij zich in de vijfcilindertechniek met in 1976 de Audi 100 5E als resultaat. Later ontstaan onder zijn supervisie de Audi Quattro, de V8 en de direct ingespoten diesel TDI.

De overstap naar Volkswagen AG volgt op 1 januari 1993, wanneer hij daar wordt aangesteld als CEO. Op dat moment staat de onderneming er tamelijk beroerd voor. Er wordt amper winst gemaakt en het is aan Piëch om dat tij te keren. Zijn speerpunten in die missie zijn het optimaliseren van de productie-efficiëntie en de kwaliteitsstandaard; twee variabelen die eerder omgekeerd dan recht evenredig aan elkaar zijn. Om de klus toch te klaren kaapt hij bij General Motors inkoper José Ignacio López weg. Deze Spanjaard is meester in het uitknijpen van toeleveranciers, maar blijkt behalve zeven medewerkers ook dozen vol vertrouwelijke documenten uit Detroit te hebben meegenomen, een ordinair staaltje bedrijfsspionage. De López-affaire loopt zo hoog op dat president Clinton en bondskanselier Kohl eraan te pas moeten komen.



Ondanks die pijnlijke affaire weet Piëch van Volkswagen AG weer een gezonde, winstgevende onderneming te maken. Maar niet al zijn wapenfeiten zijn onomstreden. Enige megalomanie kan de man niet worden ontzegd en naast het binnenslepen van onder meer Bentley en Lamborghini uit zich dat ook in projecten als de Phaeton en Touareg, modellen waarmee hij Volkswagen in het topsegment wil positioneren.

In 2002 treedt Piëch, gedwongen door zijn pensioengerechtigde leeftijd, af als CEO, maar hij neemt meteen een nieuw stel stevige teugels in handen als voorzitter van de raad van toezicht. Naast die teugels hanteert hij ook de zweep, wanneer hij in 2006 als een donderslag bij heldere hemel zijn opvolger Bernd Pischetsrieder de wacht aanzegt. Naar verluidt doet hij dit omdat Pischetsrieder enkele verliesgevende stokpaardjes van Piëch, waaronder de Phaeton, wil wegbezuinigen. Piëch schuift zijn jarenlange protégé Martin Winterkorn naar voren als nieuwe CEO en op die manier weet hij zijn grip op de firma nog verder te verstevigen.

In de jaren die volgen, zijn Piëch en Winterkorn een onafscheidelijk duo, waarvoor iedereen bij Volkswagen AG buigt tot de neus de tenen raakt. Maar in 2015 lijkt Winterkorn hetzelfde lot beschoren als zijn voorganger Pischetsrieder. In een interview in Der Spiegel choqueert Piëch de wereld met de legendarische woorden ‘Ich bin auf Distanz zu Winterkorn’. Vrij vertaald: ik neem afstand. Maar ditmaal bijt de hyena zijn tanden stuk; neef en medecommissaris Wolfgang Porsche neemt op zijn beurt afstand van Piëchs uitspraak en nog negen commissarissen doen datzelfde, waardoor niet Winterkorn, maar Piëch zelf wankelt. Kort daarop blijkt dat Piëch Matthias Müller (op dat moment CEO Porsche AG) al in de startblokken heeft staan, waarop Piëch de eer aan zichzelf houdt door zich samen met zijn (derde) vrouw Ursula, die ook commissaris is, terug te trekken. Vijf maanden later sneuvelt Winterkorn alsnog op dieselgate, om te worden opgevolgd door Müller; Piëch krijgt in tweede instantie dus zijn zin.

Vanaf dat moment lijkt Piëch van de (auto)wereldbodem verdwenen. De man die decennia lang het gezicht van Volkswagen was en geen beurs oversloeg, wordt nergens meer gezien of gehoord. Het enige ‘nieuws’ dat nog over hem naar buiten komt, betreft een rijdende rechter-achtig akkefietje met zijn buren in zijn buitenhuis aan de Oostenrijkse Wörthersee, waar hij elke jaar kruipend terug kan na een bezoek aan het befaamde en beruchte GTI-treffen.

Februari 2017 blijkt echter dat hij een getuigenis heeft afgelegd tegen Winterkorn, die vervolgd wordt in het dieselschandaal. Piëch zou verklaard hebben dat Winterkorn veel eerder dan hij zelf zegt op de hoogte was van het gesjoemel met uitstootwaarden. Is dat de reden waarom Piëch in april 2015 zijn zo omstreden uitspraak over Winterkorn deed?

Van het toneel verdwenen of niet, vervelen hoeft de inmiddels bijna tachtigjarige patriarch zich niet. Hij heeft bij vier vrouwen in totaal twaalf kinderen verwekt. Vijf daarvan hebben zijn eerste echtgenote Corina von Planta als moeder. Twee ontsproten aan zijn verhouding met Marlene, de ex-vrouw van zijn neef Gerhard Porsche, twee zijn de vrucht van een andere affaire en met zijn huidige vrouw Ursula, die de familie ooit binnenkwam als kindermeisje van Ferdinand en Marlene, kreeg Piëch zijn – vooralsnog – laatste drie nakomelingen. Dat kan dus een gezellige bende zijn aan de kersttafel bij de Piëchjes, vooropgesteld dat de twistziekte waar de oudere telgen van de familie aan lijden, niet erfelijk is. Want het is op zijn zachtst gezegd fascinerend dat mensen die ieder vermogend genoeg zijn om het begrotingstekort van een modern westers land uit eigen zak af te lossen, al decennialang over elkaar heen buitelen, vechtend om de laatste aandelen en rotcenten.

Dit artikel verscheen eerder op autoweek.nl. 

Religieuze moord op zee: het geheim van de KW 171

18 december 2016 door Frank Jacobs Reageer

KW 171 Noordzee 5 Katwijk gekkenloggerRuim honderd jaar geleden draait de bemanning van een zeillogger midden op de Noordzee volledig door. Drie van hen worden door de rest op beestachtige wijze vermoord, waarna de overlevenden dagenlang, biddend en psalmen zingend, op het einde der tijden wachten. Wat bezielde de bemanning van de KW 171, de vissersboot die de geschiedenis in zou gaan als de gekkenlogger?

Langzaam en behoedzaam nadert het Noorse stoomschip Jonas Reid de stuurloos ronddobberende vissersboot. De kapitein staat aan bakboordzijde op de boeg en tuurt naar de zeillogger onder hem. Het is zondag 12 september 1915 op de Doggersbank, midden op de Noordzee, zo’n 130 mijl ten oosten van Scarborough. De Jonas Reid is de vorige dag vanuit Tyne vertrokken. Een half uur geleden kreeg de kapitein de vissersboot in het oog. Het bevreemdde hem dat de zeilen op volle zee waren gestreken. Maar toen hij dichterbij kwam, zag hij dat ze niet waren gestreken, maar aan flarden gescheurd. Onmiddellijk had hij de machinekamer commando gegeven de schroef stil te zetten en nu hij de vissersboot nadert, bekruipt de kapitein een onheilspellend voorgevoel.
Dat blijkt terecht. Wanneer de boot met de letters KW 171 op de romp nog een meter of twintig van de Jonas Reid verwijderd is, ziet de kapitein tot zijn ontzetting de enorme chaos op het dek. Niet alleen de zeilen zijn stuk, het hele schip is ontdaan van tuigages, luiken en katrollen. Een stuk of zes mannen zitten verspreid op het dek en beantwoorden zijn blik met grote, angstige ogen. Op het achterdek ziet de Noorse kapitein donkerrode vlekken; is dat bloed? Het duurt enkele seconden voor hij de eerste schrik te boven is en zijn bemanning tot de orde roept.

Einde der tijden
De KW 171 ‘Noordzee 5’ was een in 1906 gebouwde zeillogger uit Katwijk. Het besloten vissersdorp had geen eigen haven; in het verleden, toen nog gevist werd met de zogenaamde bomschuiten, werden de schepen eenvoudig op het strand getrokken. Nadat deze traditionele platbodems door modernere, snellere loggers waren vervangen, moest de Katwijkse vloot de wijk nemen naar een echte haven.
Dinsdag 3 augustus 1915 zette de KW 171 zeil vanuit IJmuiden. Het was de tweede reis met deze dertienkoppige bemanning, onder commando van de 39-jarige schipper Nicolaas (roepnaam Klaas) de Haas. Aan boord waren verder stuurman Pieter van Duijn (28), Jacob Jonker (33), Klaas Kuijt, matroos/kok Reijn Ros, diens dertienjarige zoon Arie Ros (afhouwertje), de broers Arie (28) en Leen (17) Vlieland, P. v/d Plas (43), P. Heemskerk (29), J. Kuijt (16), W. Huwwaard en de dertienjarige D. De Mol. Het team was goed op elkaar ingespeeld en er had tijdens de eerdere reis een prettige sfeer aan boord geheerst, vertelde de vrouw van de schipper in oktober 2015 tegen De Telegraaf.
Katwijk was in die jaren een besloten, streng gereformeerde gemeenschap. In de buitenwereld woedde de Eerste Wereldoorlog in alle hevigheid en hoewel Nederland neutraal was, bleven zijn gruwelen Katwijk niet bespaard. De zee, waarvan het dorp leefde, was door de vele mijnen levensgevaarlijk gebied en de lijken van de opvarenden van getorpedeerde schepen spoelden soms met honderden tegelijk aan op het strand. Door het bevindelijke geloof van de Katwijkers leidden dergelijke ervaringen tot de wildste verhalen; de Apocalyps zou aanstaande zijn, zo fluisterde menig dorpeling.
Over de vijf weken die volgden op het van wal steken van de KW 171 weten we weinig. De logger zette koers in noordwestelijke richting met bestemming Doggersbank, een visrijk gebied tussen Engeland en Denemarken. Waarschijnlijk hebben de dagen aan boord er aanvankelijk uit gezien als op alle andere Katwijkse vissersschepen uit die tijd: lange dagen hard werken, ’s avonds een maal van bonen, spek en rijst. Zes dagen per week, want ook buitengaats gold de zondag in die tijd als een religieus verplichte rustdag.



Huiveringwekkend verhaal
Het eerstvolgende teken van leven van de Noordzee 5 bereikt IJmuiden bij monde van de schipper van de KW 151 ‘De Hoop’, die in de havenplaats het huiveringwekkende verhaal vertelt van een ontmoeting, die hij enkele dagen eerder op volle zee had met de KW 171. Een aantal bemanningsleden van de Noordzee 5 was korte tijd bij hem aan boord geweest en had hem brieven overhandigd met het verzoek deze, teruggekeerd aan wal, naar Katwijk te sturen. De schipper had daarop verwonderd gevraagd of zij zelf niet ook op weg waren naar IJmuiden. Het antwoord deed hem nog meer versteld staan. “De Here God heeft Katwijk verwoest en van de aardbodem weggevaagd. In Katwijk zullen we niet meer komen, we zijn op weg naar Jeruzalem, waar God uit de hemel is neergedaald.” Toen de mannen terug in hun sloep klommen, klampte een van hen, die zich tot dan toe op de achtergrond had gehouden, zich aan de schipper van de KW 151 vast, terwijl hij smeekte bij hem aan boord te mogen blijven. De schipper zag zich niet genoodzaakt dit verzoek in te willigen en stuurde de man de sloep in. Terwijl ze terug naar de KW 171 roeiden, riep de schipper hen na: “Ik zou maar gauw teruggaan naar Katwijk, want jullie zeggen maar rare dingen, het is jullie compleet in de kop geslagen!” Even later riep een van de matrozen, Arie Vlieland, vanaf de KW 171 de schipper van de KW 151 toe: “Kap je vleet af, weg met alle rotzooi! Denk aan Gods gerechtigheid, want je gaat naar de verdoemenis!”

Bijgeloof
We kunnen gerust aannemen dat op dat moment de sfeer aan boord van de KW 171 al allesbehalve normaal was. Volgens de Katwijkse schrijver Robert Haasnoot, die zijn roman ‘Waanzee’ baseerde op de gebeurtenissen op de KW 171, waren de opvarenden wekenlang intensief met het geloof bezig. Dat geloof, oud bijgeloof en de effecten van langdurig isolement op zee vormden de voedingsbodem voor de dramatische gebeurtenissen die aanstaande waren.
Over de dagen die volgden op de ontmoeting met de KW 151 aan boord van de onfortuinlijke zeillogger is een tweetal getuigenissen opgetekend die elkaar in detail nogal eens tegenspreken, maar in grote lijnen hetzelfde verhaal vertellen. Een van de twee jongste opvarenden, de dertienjarige Arie Ros, wordt twee weken na het drama geïnterviewd door het Rotterdamsch Nieuwsblad. Matroos Arie Vlieland, de kwade genius achter de fatale gebeurtenissen, doet tegenover de kapitein van het stoomschip Prof. Buys, dat hem achteraf terugvaart naar Nederland, een boekje open.
De schipper van de KW 151 vertelde later aan de eigenaar van de KW 171, directeur N. Haasnoot van Noordzee Visscherij, dat hij tijdens de mysterieuze ontmoeting de indruk kreeg dat niet schipper Nicolaas de Haas, maar matroos Arie Vlieland het commando voerde over de KW 171. Vlieland was een buitengewoon sterke man, een boom van een vent en bovendien erg charismatisch, eigenschappen waarmee hij zijn overwicht kon doen gelden. Bovendien sprak hij de Tale Kanaäs, een gereformeerde, Bijbelse manier van spreken, waarmee hij de godvrezende bemanningsleden naar zijn hand wist te zetten. In die tijd heerste in Katwijk een sfeer van uitverkorenen en bekommerden. De uitverkorenen beweerden tekenen van God te krijgen en daarmee positioneerden ze zich boven de bekommerden, die dergelijke openbaringen moesten ontberen.
Waarschijnlijk is de gekte gedurende de reis in het hoofd van de uitverkoren matroos Arie Vlieland gekropen. Volgens de getuigenis van Arie Ros vertelde Vlieland op zondag 5 september dat hij de Heilige Geest in zich voelde. Daarop volgden vier dagen van bidden en praten over de bijbel, vertelde het dertienjarige afhouwertje. Daarna begon het moorden. Vlieland zelf verklaarde dat hij pas vlak voor de moorden ’s nachts wakker werd, met Onze Lieve Heer in gesprek kwam en in diens opdracht nog dezelfde nacht begon het schip te zuiveren van Satans aanwezigheid. Terwijl hij bezig was met het overboord kieperen van alles waar de duivel in zou kunnen schuilen, werden Leen Vlieland en Van der Plas wakker. Zij vertelden een rode ster te hebben gezien en zagen daarin bevestiging van Arie’s beweringen. Zeilen, masten en lijnen gingen overboord.

Bizar schouwspel
De volgende ochtend voegde de rest van de bemanning zich bij de duivelsuitdrijverij, op Pieter van Duijn, Jacob Jonker en Klaas Kuijt na. Hun ongeloof viel in verkeerde aarde bij Arie Vlieland, die Kuijt bij wijze van bestraffing dwong urenlang aan dek afwisselend te dansen en stokstijf te staan. Het moet een bizar schouwspel zijn geweest. “Hij leek door de duivel bezeten”, getuigde Arie Ros later. En dat was voor de bemanning reden genoeg om Klaas Kuijt de volgende ochtend overboord te gooien. Toen hij zich aan een stuk touw vastklampte, hakte een van de anderen zijn handen af. Gillend van pijn verdween Kuijt in zee.
Tenminste, dat is Arie Ros’ verhaal. Vlieland vertelde aan de kapitein van de Prof. Buys dat ze Kuijt met een bijl het hoofd nagenoeg af sloegen, alvorens zijn lichaam in de golven te werpen, onder het zingen van psalmen.
Volgens Arie Ros ging stuurman Pieter van Duijn die avond naar beneden om zijn vader, Reijn Ros, een pak slaag te geven. Ros senior bleek sterker dan Van Duijn en schopte deze onder een bank, aldus Ros junior. Vervolgens kwam de rest van de bemanning om Van Duijn met spaden dood te slaan. Jacob Jonker deelde met een bijl de genadeslag uit, Van Duijns hoofd van zijn romp slaand.
Na de moord ging Jonker terug aan dek, waar hij schipper De Haas aantrof en hem het ruim in sloeg. “Jullie zijn allemaal gek, geloven jullie daar nog aan!”, heeft Jonker volgens Ros junior nog geroepen, waarna hij zich opsloot in een kooi. De rest van de bemanning heeft hem er uit gesleept en met dissels, die Arie Ros en zijn leeftijdgenoot D. De Mol hadden gehaald, doodgeslagen. Volgens Arie Vlieland echter werden de laatste twee slachtoffers met messteken om het leven gebracht. In beide lezingen werden de lijken van Jonker en van Duijn overboord geworpen.
Op zondag 12 september werd de gehavende KW 171 door een Noors stoomschip op sleeptouw genomen en naar Tyne opgebracht. Dat de gehele bemanning krankzinnig was, leed geen twijfel en de mannen werden uit voorzorg geketend aan boord van hun schip gehouden.

Plaatsvervangende schaamte
Het verhaal van de gekkenlogger is door de jaren heen altijd een taboe geweest in de Katwijkse gemeenschap. Hoewel niemand anders dan zijzelf verantwoordelijk kan worden gehouden voor het ontsporen van de bemanningsleden, leek zich toch een soort plaatsvervangende schaamte te hebben genesteld in de besloten, streng gereformeerde gemeenschap. De eerste tijd na het drama heerste er ook een zekere angst onder de bevolking. Het waren immers gewone Katwijkers geweest daar op zee; als hun dit kon overkomen, kon het iedereen treffen.
Het feit dat de meeste overlevenden een jaar later weer gewoon door Katwijk rondliepen, maakte het verwerkingsproces er niet gemakkelijker op, om maar te zwijgen van het endogame karakter van Katwijk in die tijd. Een nichtje van de vermoorde stuurman Pieter van Duijn vertelt veel later hoe haar vader van haar moeder op zijn kop kreeg toen hij een van de overlevenden gedag zei: “Gerrit, hoe kun je zo’n man groeten die je eigen broer vermoord heeft?”
De twee dertienjarige bemanningsleden gingen meteen terug naar Katwijk, de overige acht werden opgenomen in krankzinnigengestichten in Oegstgeest en Medemblik. Binnen een jaar waren ze weer terug in Katwijk, op Arie Vlieland na, die met zijn vrouw en kinderen naar Wassenaar verhuisde, waar hij in 1966 op 79-jarige leeftijd overleed.
En de KW 171? Het schip werd hersteld, maar in Katwijk was geen visser te vinden die er nog op durfde te varen en de logger werd verkocht aan een IJmuidense rederij. Als IJM 251 liep hij nog geen twee jaar later op een mijn, de achtkoppige bemanning met zich mee de diepte in trekkend.

Boom!

28 november 2016 door Frank Jacobs Reageer

knuffelboom, knuffeleik, sint annaville, a58, boom, frank jacobsMidden jaren negentig woonde ik in Eindhoven en samen met Jan, een vriend uit diezelfde stad, speelde ik in een band in Rotterdam. Elke vrijdagavond reden Jan en ik via de A58 en de A16 naar de havenstad om te repeteren, en elke vrijdagavond kwamen wij tweemaal voorbij de eik die vlakbij het knooppunt Sint Annabosch pontificaal in de middenberm staat. Het werd een dwangneurotisch soort running gag aan boord van mijn auto; wanneer we de boom passeerden, hieven we onze hand op en groetten we de eik met het eenvoudige, maar met diep respect uitgesproken woord ‘boom’. Deed je dat niet (niet dat we dat ooit hebben gedurfd), dan zou ongeluk jouw deel worden.



De band ging uiteen, maar de band met de boom bleef bestaan. Ik kwam er niet zo vaak meer langs, maar als dat gebeurde, verzuimde ik nimmer de boom conform protocol te groeten. Jan doet nog steeds hetzelfde. Soms had ik passagiers aan boord en dan deed ik het zo zachtjes dat het motorgeluid mijn woorden overstemde, met alleen de vingers van mijn linkerhand die even van het stuur los kwamen. Toen ik in de winter van 2012 op 2013 een tijdje in België bivakkeerde, werden mijn ontmoetingen met de boom weer een wekelijkse aangelegenheid en dat voelde als een hereniging met een oude vriend. Pas toen ging ik mij verder in mijn boom verdiepen en ontdekte ik dat hij al anderhalf eeuw oud is, ooit langs de oprijlaan van landgoed Annaville stond en bij de onteigening daarvan ten behoeve van de aanleg van de A58 werd gespaard. Een boom uit de 19e eeuw die de gekte van onze tijd heeft overleefd: die verdient het respect dat hij tot nu toe altijd heeft gekregen.

Vanavond meldt het NOS-Journaal dat Rijkswaterstaat de boom gaat kappen om plaats te maken voor de verbreding van de A58. Ik snap dat de wegen moeten worden verbreed en ik waardeer dat Rijkswaterstaat daarbij spaarzaam omgaat met het budget, maar blijf af van deze boom, deze tijdcapsule uit de 19e eeuw. Dan verschuif je dat viaduct maar een stukje verder naar het zuiden. Soms, heel soms, mag de natuur het ook wel eens winnen van onze drang naar vooruitgang. Deze boom doet dat al anderhalve eeuw.

Brexit? We still love you!

27 juni 2016 door Frank Jacobs Reageer

Goodwood Festival of Speed FoSUitgerekend op de dag dat een krappe meerderheid van de Engelsen kiest voor een breuk met Europa, loop ik door de tuinen van lord March om te genieten van de Britse liefde voor auto’s en ik ontdek al gauw dat onze liefde voor ze in kracht niet heeft ingeboet.

Het is een temperamentvol volkje, die Britten. Dat merk je bij voetbal, dat zie je in het stemhokje en dat ervaar je tijdens het jaarlijks terugkerende Goodwood Festival of Speed. De passie voor auto’s is wellicht nergens zo groot en oprecht als hier. Baby’s, bejaarde dames, heren van stand en hangjongeren, het maakt niet uit: gebroederlijk sjokken ze door het park van lord March, genietend van lauw bier, slappe frieten, benzinedampen en elkaar. Dat is Goodwood in een notendop. De bezoekers die ik aanspreek met de vraag wat ze van de brexit vinden, halen meestal de schouders op om vervolgens enthousiast in de verte te wijzen: “See that engine over there?!”  Een 28-liter Fiat uit 1911 is vandaag veel indrukwekkender dan het feit dat hun spaargeld overnight tien procent in waarde is gekelderd.

Kaplaarzen
Goodwood Festival of Speed FoSHart van het festival is de hillclimb, een race tegen de klok én de heuvel in de tuinen van lord March. Een uitdaging die wordt aangegaan door ongeveer alles op wielen, van F1-legendes tot Nascar-iconen en van stokoude beestjes van meer dan honderd jaar oud tot de fonkelnieuwe Bugatti Chiron. Het maakt het publiek niet uit, bij alles gaan ze uit hun dak. Vandaag is het een stralende dag, maar gisteren kwam het met bakken uit de hemel en het terrein is daardoor een modderpoel. Galant geklede dames hebben hun toiletje afgemaakt met rubberen kaplaarzen. Oh my goodness!

Benzinejunks
Goodwood Festival of Speed FoSOndanks de epidemie van benzinezucht doet ook het milieuzuinige kamp een poging om de petrolheads te bekeren. Tussen de oorverdovend gillende Formule 1-bolides door zoeft een Formule E bijna geruisloos de roemruchte heuvel op. De stilte is even wennen, maar toegegeven, hij gaat hard! Op de stand van Tesla verdringen de benzinejunks zich nieuwsgierig onder de vleugeldeuren van de Model X: er is hoop.



James Hunt
Goodwood Festival of Speed FoSGrote held van deze editie is James Hunt, omdat het dit jaar veertig jaar geleden is dat hij wereldkampioen F1 werd. Een keur van zijn auto’s rijdt de heuvel op, maar altijd zonder James, die in 1993 veel te jong overleed, een legende achterlatend.
Vergeten is Hunt nog steeds niet, integendeel. Hij wordt vandaag vereerd als een held en dat tekent de autopassie van de Engelsen. Al houden zij misschien niet meer zo veel van ons als we hoopten, wij houden nog steeds evenveel van hen. Eenrichtingsverkeer? Ja, maar ach, dan loop je minder kans op een botsing.

Goodwood Festival of Speed FoS

Volkswagen: familievetes en stoeltjewip

21 juni 2016 door Frank Jacobs Reageer

Dieselgate betekende vorig jaar de val van VW-CEO Martin Winterkorn. Maar al eerder wankelde zijn troon, want achter de oerdegelijke schermen van ’s werelds een na grootste autobouwer woedt een ordinaire familiestrijd om geld en macht.

volkswagenwerkVoormalig Volkswagen-topman Ferdinand Piëch staat bekend als een ijskoude patriarch waar nooit een lachje vanaf kan, maar op 23 september jongstleden moeten zijn mondhoeken wel op zijn minst omhoog zijn gekruld. Dat was de dag dat Martin Winterkorn als CEO van Volkswagen de verantwoordelijkheid voor dieselgate nam en opstapte. Ruim dertig jaar lang was Winterkorn, ooit door Piëch weggehaald bij Bosch, Piëchs rechterhand. De beelden van beide grootindustriëlen, de hoofden bijeen gestoken overleggend, staan in de autowereld op ieders netvlies gebrand. Nog niet zo lang geleden gold Winterkorn dan ook als beoogd opvolger van Piëch als voorzitter van de raad van commissarissen. Maar al op 25 april vorig jaar vergaloppeert de tot dan toe onaantastbare Piëch zich daar zelf. Twee weken eerder had hij in een interview met het Duitse opinieblad Der Spiegel als een donderslag bij heldere hemel afstand genomen van zijn vertrouweling, met de legendarische woorden ‘Ich bin auf Distanz zu Winterkorn’, vrij vertaald dat ze uit elkaar zijn gegroeid. Een regelrechte motie van wantrouwen, waarop zijn neef en mede-commissaris Wolfgang Porsche antwoordde: “De uitspraak van de heer Dr. Piëch is zijn persoonlijke mening, die niet met de familie is afgestemd.”
Dat is een klap die de schijnbaar ongenaakbare Piëch niet had zien aankomen. Niet alleen Wolfgang Porsche, maar nog negen andere commissarissen kiezen partij voor Winterkorn. Tijdens een crisisberaad in Salzburg wordt Piëch voor het blok gezet: geen openlijke kritiek meer op Winterkorn, of eruit. Even lijkt het erop dat Piëch eieren voor zijn geld kiest, maar later lekt uit dat hij Porsche-CEO Matthias Müller op Winterkorns stoel wil schuiven. De meerderheid die hij nodig heeft in de raad van commissarissen krijgt hij niet, waarop Piëch besluit zich terug te trekken, waarbij ook zijn vrouw Ursula haar commissariaat opgeeft.

Dolk
We moeten Winterkorn nageven dat hij zich niet laat kennen. Ondanks de dolk die zijn voormalige beschermheer hem in de rug probeerde te duwen prijst hij Piëch op de eerstvolgende jaarvergadering uitvoerig: “Ik hecht er belang aan bij deze gelegenheid de heer Dr. Piëch te bedanken, uit naam van alle 600.000 medewerkers, maar ook persoonlijk. Ferdinand Piëch heeft in de afgelopen vijf decennia als geen ander een stempel gedrukt op de automobielindustrie. Als ondernemer, als ingenieur en als moedige visionair. Dit bedrijf en zijn mensen, ook ik, hebben heel veel aan de heel Dr. Piëch te danken. Dat blijft. Voor dit levenswerk hebben wij, en heb ik, groot respect.”
De poging Winterkorn te wippen is niet de eerste onverwachte uitval van Piëch naar een topman. In 2006 werd toenmalig CEO Bernd Pischetsrieder het slachtoffer van Piëchs onberekenbaarheid. Hij zat nietsvermoedend naast Piëch toen die, op de vraag of Pischetsrieders contract verlengd zou worden, zijn schouders ophaalde en veelbetekenend zweeg. Voor wie Piëch kent, zegt dat meer dan duizend woorden. In werkelijkheid was het contract toen al verlengd, maar dat weerhield Piëch er niet van Pischetsrieder te vervangen door Winterkorn. Later verklaarde hij dat Pischetsrieder de verkeerde man op die post was. Naar verluidt vond dat oordeel zijn oorsprong in het feit dat Pischetsrieder in zijn saneringsdrang kostbare lievelingsprojecten van Piëch, zoals de Phaeton, had willen schrappen.



Schavot
In 2009 is het de beurt aan Porsche-CEO Wendelin Wiedeking om het schavot te betreden. Middels een briljante truc met aandelen probeerde hij een jaar eerder Volkswagen bij Porsche in te lijven. Dat leek te lukken, maar de crisis sloeg toe, de banken wilden hun geld terug en Porsche kwam in de problemen. Alleen Volkswagen kan Porsche redden, maar de keiharde Piëch zet het levenswerk van zijn grootvader het mes op de keel. Hij zinspeelt op een mogelijk faillissement van Porsche en geeft ze precies vier weken om orde op zaken te stellen. “Het kan niet zo zijn dat Volkswagen voor de genomen risico’s van een ander bedrijf moet boeten,” stelt Piëch.
Zijn genadeloze patstelling is geworteld in een al lang spelende familievete tussen de Porsches en de Piëchs over de macht binnen de Porsche Holding. Het bestuur daarvan telt drie Porsches en twee Piëchs, en het hoofd van de Porsche-tak, Wolfgang Porsche (ook wel WoPo genoemd), trekt mede dankzij het groeiende aandeel van Porsche in VW steeds meer macht naar zich toe, waardoor rond 2008 de positie van Piëch wankelt. WoPo ziet niets in de bestuursstructuur van VW, maar om die te wijzigen, moet Porsche een 75% aandeel bemachtigen en moet het vetorecht van Niedersachsen opzij.
Hier grijpt Piëch zijn kans. Hij zoekt steun bij Christian Wulff, gouverneur van Niedersachsen en commissaris bij VW. De twee staan op slechte voet met elkaar, maar Piëchs vrouw Ursula weet de vrede te herstellen. Wulff span daarop Angela Merkel voor zijn karretje en Niedersachsen behoudt zijn vetorecht, waardoor de machtsovername van Porsche geblokkeerd is. Wiedeking en WoPo zijn woedend en niet alleen hij. De andere Piëchs willen Ferdinand afzetten als familiehoofd, maar zien daar achteraf toch maar vanaf.

Onervaren
En dan gebeurt in april 2015 dan toch het ondenkbare: de raad van commissarissen krijgt Ferdinand Piëch klein. Wanneer zijn zetel en die van zijn vrouw worden ingenomen door zijn nichtjes Julia Kuhn-Piëch (34, makelaar) en Louise Kiesling (57, modeontwerpster en zakenvrouw) gebruikt Piëch opnieuw de media om zijn onvrede te uiten. Tegen Bild zegt hij dat beide vrouwen te onervaren zijn en amper banden met de auto-industrie hebben. Dat Julia in oktober al weer het veld moest ruimen om plaats te maken voor financieel directeur Hans Dieter Pötsch, zal Piëch dan ook goed hebben gedaan. Net zoals het feit dat Matthias Müller, die Piëch in april al op Winterkorns stoel had willen zetten, nu door de raad van commissarissen tot CEO is benoemd. Ferdinand Piëch mag dan weg zijn, zijn wil echoot na.
Maar ach, hij is 79, een mooie leeftijd om het rustiger aan te doen. Bovendien is hij nog steeds grootaandeelhouder. Ondertussen wordt zijn neef Florian Piëch getipt als het toekomstige hoofd van de familie. Florian is niet alleen achterkleinzoon van Ferdinand Porsche, maar ook kleinzoon van Heinrich Nordhoff (zie kader VW AG), die na de oorlog Volkswagen groot maakte. Family business dus, maar nooit as usual.

*  *  *


vwkeverVW AG
In 1937 werd Volkswagen opgericht  voor de massaproductie van de Kever, een project dat zo groot moest worden dat er in de buurt van de fabriek zelfs een compleet nieuwe stad uit de grond werd gestampt: Wolfsburg. De Tweede Wereldoorlog gooide roet in het eten en gedurende die jaren concentreerde de nieuwe fabriek zich op kleine militaire voertuigen, de Kübelwagen en de Schwimmwagen. Daar naast werd in Wolfsburg ook de V1 gebouwd, wat voor de geallieerden reden was de fabriek zwaar te bombarderen.

Na de oorlog werd de fabriek hersteld en de productie van de Kever hervat, maar noch de Engelsen, noch de Amerikanen zagen heil in het autootje. In 1948 werd Volkswagen door de Engelsen teruggegeven aan de Duitse regering, die voormalig Opel-baas Heinz Heinrich Nordhoff aan het roer zette. Dat bleek een slimme zet, want Nordhoff geloofde wél in de Kever. Dankzij doorlopende verfijning van de techniek, hoge kwaliteitsnormen en verhoging van de efficiëntie aan de productielijn wist hij de Kever tot een wereldwijd succes te maken. Aan de groei leek geen einde te komen. In 1965 werd Auto Union ingelijfd, in 1986 kwam Seat bij de club, in 1994 gevolgd door Škoda. Net voor de millenniumwissel kocht VW Bentley, Bugatti en Lamborghini. De Zweedse vrachtwagenproducent Scania moet sinds 2008 verantwoording afleggen aan Wolfsburg en sinds 2012 zijn Ducati, MAN en Porsche eigendom van Volkswagen.


piechBestuur
Volkswagen AG wordt geleid door een zevenkoppig bestuur, bestaande uit topmanagers van verschillende takken van het concern. Aan het hoofd van dit bestuur staat de CEO, tot vorig jaar Martin Winterkorn. De raad van commissarissen (of raad van toezicht) wijst de bestuursleden aan, controleert het bestuur en moet belangrijke besluiten wegen en accorderen. De raad telt twintig leden, inclusief de voorzitter, die belangrijke aandeelhouders vertegenwoordigen. Het voorzitterschap werd tot april vorig jaar bekleed door Ferdinand Piëch, sinds oktober 2015 slaat financieel directeur Hans Dieter Pötsch er de hamer.


piechcowboyPiëch
Ferdinand Piëch werd op 17 april 1937 in Wenen geboren als zoon van Louise en Anton Piëch. Moeder Louise was de dochter van Ferdinand Porsche, Anton Piëch was een advocaat die de zaken van Ferdinand behartigde en in 1928 met diens dochter trouwde. Ze kregen vier kinderen: Ernst, Louise, Hans-Michel en Ferdinand. Na zijn doctoraal werktuigbouwkunde begon Ferdinand zijn loopbaan bij Porsche. In 1972 stapte hij over naar Audi, waar hij net als bij Porsche manager bij de ontwikkeling was. De oer-Quattro en de vijfcilindermotoren waar Audi destijds furore mee maakte, kwamen uit Piëchs koker. In 1993 werd Piëch benoemd tot voorzitter van de raad van bestuur van Volkswagen AG. Als hoogste baas van het moederconcern werd hij meteen in het diepe gegooid. Volkswagen bevond zich in zwaar weer, maar de nieuwe topman wist het tij te keren. De merken VW en Audi werden onder hem tot grote hoogte gebracht en Piëch zat achter de acquisities van de exclusieve merken.
In 2002 moest Piëch wegens het behalen van zijn pensioengerechtigde leeftijd aftreden als voorzitter, maar door toetreding tot de toezichtraad, waar hij tot april 2015 voorzitter van was, wist hij de touwtjes in handen te houden.
Piëch geldt niet alleen als een uiterst getalenteerd manager, maar is ook een briljante technicus. Daarnaast is hij gefascineerd door de oosterse cultuur, zeilt hij graag en heeft hij twaalf kinderen bij vier verschillende vrouwen. Tegenover zijn talenten staat een opmerkelijke handicap: Piëch is dyslectisch.


Dit verhaal verscheen eerder in AutoWeek 41/2015

De Andere Kant van het Graf – historische thriller (synopsis)

13 juni 2016 door Frank Jacobs 1 Reactie

kessel keverberg frank jacobs frankjacobs

Na de dood in 1921 van een onbeduidende non in een Limburgs klooster lijkt de oude adellijke familie Van Keverberg Van Kessel definitief uitgestorven. Lijkt, want een eeuw later wordt duidelijk dat de laatste baron, de vader van de non, in de mistroostige avond van zijn leven dingen in gang heeft gezet die hun dodelijke tentakels naar het heden uitstrekken. Plotseling wordt om zijn nalatenschap op leven en dood gestreden, maar waarom? Welk geheim heeft hij mee zijn kist in genomen? Uiteindelijk kan alleen nog het graf van de baron verdere escalatie voorkomen, maar niemand weet waar dat zich bevindt.
De Andere Kant van het Graf is een historische fact-fiction thriller, gebaseerd op het roerige leven van Baron Frederik van Keverberg van Kessel, een kleurrijke querulant die in 1876 overleed en vervolgens spoorloos verdween, een mysterie achterlatend. Het verhaal vliegt op en neer tussen het besloten Limburgse dorpsleven in de negentiende eeuw en het Parijs van onze tijd en voert mee met landverhuizers over de Atlantische Oceaan naar het vijandige New York, het achterliggende land van de onbegrensde mogelijkheden en via de prairies van Nebraska terug naar de duistere geheimen van de baron.

Lees hier een fragment uit ‘De Andere Kant van het Graf’.



  • « Vorige pagina
  • 1
  • …
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • …
  • 19
  • Volgende pagina »

Over Frank Jacobs

Frank Jacobs (1966) is crossmediaal en multimediaal journalist en schrijft, fotografeert en filmt voor onder meer AutoWeek, NU.nl, Quest Historie, GTO Magazine en Lifestyle Almere. Daarnaast presenteert hij autoprogramma’s op AutoWeek TV en voorheen Discovery Channel.

Hij studeerde automobiel management en Frans en woonde en werkte jarenlang afwisselend in Frankrijk, Engeland, Duitsland en Spanje.

Lees meer over Frank Jacobs.

Zoeken

  • Why Nuclear Energy is a Very Bad Idea
  • Waarom de flitsmarathon onzin en bangmakerij is
Copyright 2015 | Frank Jacobs | KvK Almere 62518755